19 juni 2017

De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) stelt in een arrest van 16 maart 2017 dat de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) bij een 9ter-aanvraag rekening moet houden met de oorzaak van de psychische problematiek voor beoordeling van de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de medische behandeling. Bovendien moet DVZ bij dit onderzoek rekening houden met de nood aan specifieke behandeling van de verzoeker, in dit geval de behandeling door een kinderpsychiater.

De Albanese verzoekers dienden een beroep in tegen de ongegrondheidsbeslissing van DVZ in naam van hun minderjarige zoon. De 12-jarige zoon lijdt aan een psychische problematiek die zijn oorsprong vindt in de bloedwraak waarin het gezin in hun herkomstland verwikkeld is. De verzoekers wezen in de 9ter-aanvraag op deze situatie en op de jonge leeftijd van hun zoon. Toch hield de DVZ-arts geen rekening met deze elementen bij het onderzoeken van de toegankelijkheid of beschikbaarheid van de zorgen in het herkomstland. De DVZ-arts hield geen rekening met de situatie van bloedwraak in het herkomstland en onderzocht enkel de beschikbaarheid van psychiaters in Albanië, niet van kinderpsychiaters. Daardoor besluit de RvV dat niet voldaan is aan de zorgvuldigheidsplicht en vernietigt ze de beslissing.

De RvV benadrukt keer op keer dat DVZ rekening moet houden met de specifieke elementen van het dossier en dus de individuele situatie van de verzoeker voor beoordeling van de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de medische zorgen in het herkomstland. Ook de Federale Ombudsman benadrukte dit in zijn Rapport over de Medische Regularisatie.