Je kort verblijf als derdelander kan worden beëindigd wanneer:

  • je in België verblijft zonder de vereiste binnenkomstdocumenten.
  • je binnen de referteperiode van zes maanden langer dan drie maanden in België verblijft  of er niet in slaagt het bewijs te leveren dat je deze termijn niet overschreed.
  • je gedrag geacht wordt de openbare orde of de nationale veiligheid te kunnen schaden.
  • de minister acht dat je de internationale betrekkingen van België of van een Schengenlidstaat kan schaden.
  • je gesignaleerd staat met het oog op weigering van toegang in het Schengeninformatiesysteem II (SIS II) of in de Algemene Nationale Gegevensbank (ANG).
  • je niet voldoende bestaansmiddelen hebt voor de duur van het voorgenomen verblijf en voor de terugreis naar het land van oorsprong of voor de doorreis naar een derde staat waar je toelating is gewaarborgd, en je niet in staat bent deze middelen wettelijk te verwerven.
  • je aangetast bent door een ziekte of gebrek opgesomd in de bijlage bij de Verblijfswet.
  • je een beroepsbedrijvigheid als zelfstandige of in ondergeschikt verband uitoefent zonder vereiste machtiging.
  • de overheden van de overeenkomstsluitende staten je ter verwijdering van het grondgebied van deze staten overdragen aan de Belgische overheden met toepassing van de internationale overeenkomsten of akkoorden die België binden.
  • de Belgische overheden je aan de overheden van de overeenkomstsluitende staten moeten overdragen.
  • je sedert minder dan tien jaar werd teruggewezen uit België of uitgezet en de maatregel niet werd opgeschort of ingetrokken.
  • je het voorwerp uitmaakt van een inreisverbod dat noch opgeschort noch opgeheven is. 

Bovendien kan de minister of de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) je machtiging of toelating tot verblijf intrekken op basis van de algemene fraudebepaling van artikel 74/20 van de Verblijfwet wanneer je voor het verkrijgen van de machtiging of de erkenning van de toelating:

  • valse of misleidende informatie of valse of vervalste documenten hebt gebruikt
  • fraude hebt gepleegd of
  • andere onwettige middelen hebt gebruikt die hebben bijgedragen tot het verkrijgen van het verblijf

Bij het nemen van een dergelijke beslissing moet de minister of DVZ rekening houden met:

  • de aard en de hechtheid van je gezinsband,
  • de duur van je verblijf in België,
  • het bestaan van familiebanden en
  • het bestaan van culturele of sociale banden met je land van herkomst.
Extra informatie