Nieuws

print
  • 10 mei 2022

    Ontdek het jaarverslag van het Agentschap Integratie en Inburgering, met dienst vreemdelingenrecht en internationaal familierecht

  • 1 april 2022

    Onze vaste webpagina over Afghanistan kreeg een grondige update: over de aflevering van Afghaanse documenten en paspoorten, legalisatie, grensoversteek, reizen, het beleid van DVZ bij visa-aanvragen, en van CGVS bij asielaanvragen.

  • 22 februari 2022

    Procedurestukken aan en door de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen kunnen voortaan digitaal verstuurd worden via het systeem DPA-Jbox. UDN-procedures kunnen niet meer per fax worden ingediend. De vraag rijst echter of in alle situaties het recht op toegang tot de rechter verzekerd blijft.

  • 26 januari 2022

    RvV arrest nr. 261.181 van 27 september 2021 oordeelt dat de toegang tot het grondgebied aan een derdelander met geldig studentenvisum kan worden geweigerd als hij zijn reisdoel en verblijfsomstandigheden niet voldoende kan aantonen door stukken en verklaringen. De grenscontrole-instanties kunnen de student daarbij verregaand ondervragen. Dit RvV arrest roept enkele kritische bedenkingen op.

  • 20 december 2021

    In vonnis nr. 21/86/C van 23-08-2021 oordeelde de Franstalige rechtbank van eerste aanleg van Brussel dat een vreemdeling geen effectief rechtsmiddel heeft tegen een weigering van een studentenvisum aangezien hij geen schorsingsprocedure in uiterst dringende noodzakelijkheid kan instellen bij de RvV én de gewone schorsings- en annulatieprocedure in de praktijk niet wordt behandeld voor het begin van het schooljaar.

  • 16 december 2021

    Sinds 10-12-2021 is de mogelijkheid tot het gebruik van een louter schriftelijke procedure bij de RvV aanzienlijk uitgebreid. Vanaf 22-03-2022 wordt de langverwachte elektronische communicatie van procedurestukken voor de RvV ingevoerd. Dat volgt uit de wet van 30-07-2021 tot wijziging van de Verblijfswet, en het KB van 21-11-2021 tot wijziging van het Procedurereglement van de RvV.

  • 5 november 2021

    De RvV oordeelt op 3-05-2021 in arrest nr. 253.881 dat beide ouders als wettelijke vertegenwoordiger moeten optreden bij het instellen van een beroep in naam van hun minderjarig kind dat in België verblijft. Een beroep ingesteld door één van beide ouders is onontvankelijk. De RvV verklaart de proceshandelingen gesteld buiten de vereiste wettelijke vertegenwoordiging van onwaarde.

  • 8 oktober 2021

    In beschikking nr. 21/12/K van 19-04-2021 oordeelt de voorzitter van de arbeidsrechtbank van Luik (afdeling Namen) dat de organisatie van het verblijf in een open terugkeerplaats, zoals geregeld door de Fedasil-omzendbrief van 22 september 2020, verzoekers om internationale bescherming die een bijlage 26quater ontvingen en hiertegen annulatieberoep aantekenden bij de RvV, blootstelt aan een schending van het principe van de onschendbaarheid van de woonst, van het recht op juridische bijstand en van het recht op een effectief beroep. 

  • 19 juli 2021

    In zijn arrest over de gevoegde zaken C-225/19 en C-226/19 van 24-11-2020 oordeelt de Grote Kamer van het HvJ dat de lidstaat die een beslissing tot weigering van afgifte van een Schengenvisum heeft genomen omdat een andere lidstaat bezwaar had gemaakt tegen die afgifte, in die beslissing moet vermelden welke lidstaat een dergelijk bezwaar heeft gemaakt, de specifieke weigeringsgrond die op dit bezwaar is gebaseerd met een korte weergave van de redenen voor dat bezwaar en tot welke autoriteit de visumaanvrager zich kan wenden om te vernemen welke beroepsmogelijkheden in die andere lidstaat beschikbaar zijn. Wanneer een beroep wordt ingesteld tegen een dergelijke weigeringsbeslissing, kunnen de gerechten van de lidstaat die deze beslissing heeft genomen niet de gegrondheid onderzoeken van het door een andere lidstaat gemaakte bezwaar tegen de afgifte van het visum.

  • 26 mei 2021

    Elk jaar op 1 juni worden de bedragen van de retributie voor verblijfsaanvragen van rechtswege geïndexeerd. Nochtans verklaarde zowel de Raad van State (RvS) als de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) de huidige bedragen van de retributie onwettig, omdat ze niet in redelijke verhouding staan tot de kostprijs van de geleverde dienst.

  • 21 mei 2021

    In navolging van Hof van Justitie arrest H.A. t. België (nr. C-194/19) van 15 april 2021 oordeelt de Raad van State dat bij een annulatieberoep tegen een Dublin-overdracht de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen moet toetsen of nieuwe elementen aangevoerd na het overdrachtsbesluit doorslaggevend zijn voor een correcte toepassing van de Dublinverordening. Het HvJ stelde dat om een toereikende rechterlijke bescherming te verzekeren, de EU-lidstaten in een rechtsmiddel tegen een overdrachtsbesluit op basis van de Dublin III-Verordening (bijlage 26quater) moeten voorzien waarbij er rekening gehouden kan worden met gegevens die dateren van na dit besluit. 

  • 21 mei 2021

    Raad van State arrest nr. 249.122 van 03-12-2020 oordeelt dat het CGVS niet voorafgaand moet oordelen of een verzoeker om internationale bescherming voldoet aan de voorwaarden voor het verkrijgen van een beschermingsstatus als het op basis van ernstige redenen diezelfde verzoeker kan uitsluiten. Daarnaast oordeelt de RvS dat het advies dat het CGVS in het kader van deze beslissing moet verstrekken over de verenigbaarheid van de verwijderingsmaatregel met het non-refoulementbeginsel, geen aparte beslissing uitmaakt waartegen een beroep bij de RvV mogelijk is.

  • 19 mei 2021

    RvV arrest nr. 250.009 van 25-02-2021 oordeelt dat een beroep tegen een vrijheidsbeperkende maatregel onder zijn rechtsmacht valt, in tegenstelling tot een beroep tegen een vrijheidsberovende maatregel. De mogelijkheid waarover een vreemdeling beschikt om de opheffing van een vrijheidsbeperkende maatregel aan de bevoegde minister te vragen, sluit niet uit dat de RvV alsnog de wettigheid van zo'n maatregel onderzoekt. Verder oordeelt de RvV dat een maatregel tot aanwijzing van een verplichte verblijfplaats niet gehandhaafd kan worden zonder perspectief op een daadwerkelijke repatriëring naar het herkomstland binnen een redelijke termijn.

  • 9 april 2021

    GwH arrest nr. 23/2021 van 25-02-2021 verduidelijkt en vernietigt een aantal bepalingen van de wet van 21-11-2017 tot wijziging van de Verblijfswet en van de Opvangwet (in werking sinds 22-03-2018) over: de strafrechtelijke vervolging tegen vluchtelingen wegens onregelmatige binnenkomst of onregelmatig verblijf; de neerlegging, bewaring en teruggave van de identiteitsdocumenten; de overlegging van elementen die essentieel zijn voor de beoordeling van het verzoek zoals elektronische informatiedrager; het vasthouden van de verzoeker om internationale bescherming; de organisatie van een medisch onderzoek, de mededeling van de opmerkingen over de notities van het persoonlijk onderhoud; de vertrouwelijkheid van de bronnen gebruikt door het CGVS; de beoordeling van het risico op onderduiken van de vreemdeling; de inkorting van de beroepstermijnen; het al dan niet opschortend karakter van het beroep; de toepassing van het begrip ‘veilig derde land’ zonder terugnameakkoord; de toepassing van de versnelde procedure; elementen die in het kader van een volgend verzoek te laat zijn voorgelegd.

  • 16 december 2020

    15/12/2021: Ten laatste op 31 december 2021 konden Britten of hun familieleden in België hun M of N kaart als begunstigde van het terugtrekkingsakkoord aanvragen.

    Dit bericht geeft een overzicht van gevolgen van de Brexit op vlak van verblijfsrecht, doelgroepbepaling Vlaamse inburgering, internationaal familierecht, sociale rechten en medische zorgen, asielzoekers en de Dublin-III Verordening, toegang tot onderwijs en Britse rijbewijzen.

  • 26 oktober 2020

    In twee arresten van 30-09-2020 (nrs. C-402/19 en C-233/19) bevestigt het Hof van Justitie (HvJ) zijn Abdida-arrest van 18-12-2014, in antwoord op prejudiciële vragen van het arbeidshof van Luik. Een derdelander die na 9ter-weigering moet terugkeren maar wiens gezondheid (of die van zijn kind, zelfs meerderjarig als dat volledig afhankelijk is) daardoor ernstig en onomkeerbaar kan verslechteren, moet een van rechtswege schorsend beroep kunnen instellen tegen het terugkeerbesluit en moet ook in zijn elementaire levensbehoeften kunnen voorzien. De Belgische wetgeving voldoet niet aan deze Europese rechtspraak. Het HvJ stelt daarom dat in de Belgische context het schorsings- en annulatieberoep bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) tegen het terugkeerbesluit als van rechtswege schorsend moet beschouwd worden, en dat behoeftige personen dan een recht hebben op medische zorgen en op sociale bijstand.

  • 13 oktober 2020

    Hof van Cassatie arrest nr. P.20.0499.F van 3 juni 2020 vernietigt een beschikking van de KI van Luik wegens schending van het hoorrecht. De KI had de betrokken vreemdeling bij zijn beroep tegen administratieve vasthouding niet de mogelijkheid gegeven persoonlijk ter zitting te verschijnen om zich te verdedigen. Dit op grond van COVID-19 instructies van de eerste voorzitter van het hof van beroep van Luik. 

  • 6 oktober 2020

    Hof van Justitie arrest C-651/19 van 9-09-2020 oordeelt dat de betekening van asielbeslissingen aan de hoofdzetel van het CGVS als de verzoeker geen woonplaats kiest, en de verkorte beroepstermijn van tien dagen tegen de niet-ontvankelijkheid van een volgend verzoek om internationale bescherming in principe niet strijdig zijn met de Procedurerichtlijn. Maar de Raad van State moet nagaan of de verzoekers voldoende op de hoogte zijn en vlotte toegang tot hun post hebben, of ze werkelijke toegang hebben tot de procedurele waarborgen, en of het gelijkwaardigheidsbeginsel geëerbiedigd is.

  • 30 juni 2020

    RvV arrest nr. 237.408 van 24-06-2020 (in algemene vergadering) wil komaf maken met uiteenlopende interpretaties: een UDN-schorsingsberoep is enkel mogelijk tegen een beslissing van gedwongen terugkeer waarvan de tenuitvoerlegging imminent is, en dus niet tegen een visumweigering.

  • 29 juni 2020

    Bij bericht van de Directeur-Generaal van de Dienst Vreemdelingenzaken worden de bedragen van de retributie voor het indienen van een verblijfsaanvraag geïndexeerd. Nochtans zijn de bestaande bedragen al onwettig omdat ze niet in verhouding staan tot de geleverde dienst. Bovendien zijn DVZ, gemeente en consulaire posten niet meer bevoegd om een aanvraag zonder retributie te weigeren. Toch blijft DVZ dat doen.

  • 15 mei 2020

    EHRM arrest nr. 3599/18 van 5-5-2020 verklaarde de vordering van een Syrisch gezin tegen de weigering door België van een ‘humanitair visum’ ontoelaatbaar. Zij vielen buiten de territoriale en extraterritoriale rechtsmacht van België.

  • 8 mei 2020

    Het bijzondere machtenbesluit nr. 19 van 5 mei 2020 (BS 6 mei 2020) voorziet in een tijdelijke verlenging van termijnen van rechtspleging en schriftelijke behandeling van beroepen bij de RvV. Er geldt een verschillende regeling voor gewone procedures en voor dringende zaken.

     

  • 31 maart 2020

    23/5/2022: de concrete gevolgen op verblijfsaanvragen, -procedures, -documenten en rechten van vreemdelingen

  • 19 maart 2020

    DVZ is niet meer bevoegd om een verblijfsaanvraag onontvankelijk te verklaren omdat de aanvrager geen retributie betaalde. Ook het bedrag van de retributie is onwettig en kan daarom niet toegepast worden. Dat zegt RvV arrest nr. 228.858 van 18-11-2019.

  • 27 januari 2020

    GwH arresten nr. 186/2019 en nr. 206/2019 stellen dat het annulatieberoep tegen 9ter-weigering (zonder ex nunc beoordeling) niet moet vergeleken worden met het beroep in volle rechtsmacht tegen een weigering van internationale bescherming (met ex nunc beoordeling). Bij wijziging van de medische situatie na 9ter-weigering is het annulatieberoep geen daadwerkelijk beroep, maar er zijn nog andere, daadwerkelijke beroepen mogelijk.

Pagina's