Nieuws

print
  • 4 augustus 2022

    Consulteer dit bericht regelmatig. Laatste update: 24/01/2023.

  • 20 januari 2023

    Door nieuw beleid sinds 14-11-2022 had Fedasil de toewijzing aan een materiële opvangplaats (code 207) opgeheven van een verzoeker om internationale bescherming (VIB) die halftijds werkt met een contract van onbepaalde duur. De voorzitter van de arbeidsrechtbank van Charleroi schorst die opheffing omdat het nettoloon van de VIB lager is dan het leefloon (er is dus niet voldaan aan de voorwaarden uit artikel 9 van het KB van 12-01-2011), en omdat de opheffing gestandaardiseerd is opgesteld in algemene bewoordingen (er is dus niet voldaan aan de motiveringsplicht van de Wet van 29-7-1991). De voorzitter veroordeelt Fedasil om de VIB terug op te vangen tot aan de uitspraak door de Arbeidsrechtbank ten gronde.

  • 20 januari 2023

    Een ernstig zieke derdelander kan niet worden teruggestuurd naar zijn land waar hij geen adequate behandeling kan krijgen, als zijn pijn daardoor snel, aanzienlijk en onomkeerbaar zou toenemen. Volgens een Hof van Justitie arrest van 22-11-2022 verzet de Europese Terugkeerrichtlijn 2008/115 en het Handvest van de Grondrechten van de EU zich in dat geval tegen een terugkeerbesluit of repatriëring.

  • 20 januari 2023

    EU-lidstaten moeten bij een aanvraag gezinshereniging na internationale bescherming de minderjarigheid van een kind beoordelen op het tijdstip dat het kind of de ouder internationale bescherming vraagt. Ook als het kind meerderjarig wordt tijdens of na de asielprocedure blijft het recht op gezinshereniging bestaan. De aanvraag gezinshereniging moet wel binnen een redelijke termijn worden ingediend. Een werkelijk gezinsleven tussen ouder en kind vereist geen samenwoonst: bezoeken en regelmatige contacten kunnen volstaan. Dat volgt uit twee arresten van het Hof van Justitie van 1 augustus 2022 over gezinshereniging met een erkende vluchteling. In België gelden dezelfde regels voor gezinshereniging met subsidiair beschermden.

  • 20 januari 2023

    Het begrip “ander familielid dat in het herkomstland inwoont bij de Unieburger” slaat op personen die met de Unieburger een afhankelijkheidsrelatie hebben gebaseerd op een nauwe, duurzame en persoonlijke band. De band moet ontstaan zijn in hetzelfde huishouden in het kader van een gemeenschappelijk huiselijk leven dat verder gaat dan tijdelijk samenwonen om louter praktische redenen. Het is daarbij niet vereist dat de Unieburger aan het ‘hoofd van de huishouding’ staat. Ook mogen lidstaten niet eisen dat de band zodanig is dat de Unieburger zijn vrijheid van verkeer niet zou uitoefenen, als het ander familielid hem niet zou kunnen begeleiden of vervoegen in het gastland. Tot slot is ook de duurtijd van het samenleven belangrijk. Daarbij moet men rekening houden met een eventuele periode van samenleven vooraleer het statuut van Unieburger bekomen werd. Dat alles zegt het Hof van Justitie (HvJ) in een arrest van 15 september 2022.

  • 18 januari 2023

    De Geschillencommissie Groeipakket bevestigt in haar beslissing nr. 2022/071 van 19 augustus 2022 dat de leeftijdsbeslissing van Dienst Voogdij niet voldoende is om als niet-begeleide minderjarige vreemdeling (NBMV) aangemerkt te worden. De NBMV heeft pas recht op Groeipakket vanaf de definitieve aanstelling van de voogd.

  • 18 januari 2023

    Sinds 26 mei 2022 werden de bedragen van de bijdrage in administratieve kosten voor bepaalde soorten verblijfsaanvragen aangepast naar aanleiding van rechtspraak van de Raad van State.

  • 11 januari 2023

    Sinds 30 december 2022 is het opnieuw mogelijk om vanuit België een gecombineerde vergunning aan te vragen vanuit wettig kort verblijf of vanuit lang verblijf. Hierdoor wordt de wetswijziging van 1 september 2020 teruggedraaid. Hierdoor was statuutswijziging naar arbeidsmigrant alleen nog mogelijk was vanuit wettig kort verblijf, verblijf als student of verblijf als onderzoeker. In de praktijk aanvaardde DVZ al langer een statuutswijziging vanuit lang verblijf. Deze wetswijziging officialiseert deze soepele praktijk nu ook.

  • 10 januari 2023

    Op 1 november, 1 december 2022 en 1 januari 2023 waren er indexeringen van de leefloonbedragen ten gevolge van het wettelijk mechanisme voor de welvaartsaanpassing. Soms is het voor gezinshereniging een voorwaarde dat men ‘stabiele en toereikende bestaansmiddelen’ heeft. Een inkomen van 120% van het leefloon voor persoon met gezin ten laste volstaat hiervoor. Dat is vanaf 1 januari 2023 1.969,00 euro.

  • 10 januari 2023

    Bepaalde categorieën van arbeidsmigranten zijn vrijgesteld van arbeidsmarktonderzoek voor een gecombineerde vergunning of een arbeidskaart, wanneer hun bruto jaarloon een bepaald minimumbedrag overschrijdt. Vanaf 1-1-2023 veranderen de minimumbedragen. Deze worden jaarlijks aangepast. De bedragen en berekeningswijze verschilt per gewest.

  • 21 december 2022

    Het bijzonder profiel van Afghaanse verzoekers om internationale bescherming van Hazara-afkomst vereist een individuele risicoanalyse gecombineerd met een analyse van de algemene landeninformatie. Hazara’s hebben herkenbare fysieke kenmerken waardoor zij de belangrijkste slachtoffers zijn van sektarische aanvallen op sjiieten. Veel Hazara’s zijn immers sjiitische moslims. Bij terugkeer naar Afghanistan kunnen zij een gegronde vrees voor vervolging hebben waartegen de talibanregering geen behoorlijke bescherming kan bieden. De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen erkende op 13-10-2022 een Afghaanse verzoeker van Hazara-afkomst als vluchteling.

  • 21 december 2022

    Het willekeurig geweld in Afghanistan is aanzienlijk gedaald sinds de machtsovername van de Taliban. Er zijn geen ernstige redenen om aan te nemen dat een burger die naar Afghanistan terugkeert een reëel risico loopt om te worden onderworpen aan een ernstige bedreiging van zijn leven of persoon. Om in aanmerking te komen voor subsidiaire bescherming moeten verzoekers aantonen hoe hun persoonlijke omstandigheden het risico om het slachtoffer te worden van willekeurig geweld verhogen. Dit oordeelde de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) in twee arresten op 13 oktober 2022.

  • 20 december 2022

    Volgens vier arresten van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen op 12 en 13 oktober 2022 zijn 'verwesterde' Afghanen die vanuit Europa terugkeren naar Afghanistan geen sociale groep in de zin van artikel 48/3, § 4, d) van de Verblijfswet. Zij kunnen wel worden erkend als vluchteling op basis van hun politieke of religieuze overtuiging als na individueel onderzoek blijkt dat zij zich westerse waarden en normen of kenmerken of gedragingen zodanig eigen hebben gemaakt dat niet kan worden verwacht dat zij deze opgeven. Een verzoeker moet bewijzen dat hij in die zin is verwesterd of als verwesterd kan worden beschouwd.

  • 20 december 2022

    De socio-economische situatie in Afghanistan is geen “onmenselijke behandeling” in de zin van artikel 48/4, § 2, b) van de Verblijfswet. De onmenselijke behandeling moet worden veroorzaakt door een opzettelijke handeling of nalaten van een actor en moet gericht zijn tegen de betrokkene. De socio-economische situatie is na de machtsovername door de taliban in augustus 2021 is het gevolg van een complexe crisis waarvoor niet één specifieke actor verantwoordelijk is. Dit oordeelde de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) in twee arresten op 12 en 13 oktober 2022. De RvV beklemtoont wel dat de huidige socio-economische situatie een schending van artikel 3 van het EVRM kan uitmaken en mee moet worden onderzocht bij de afgifte van een bevel om het grondgebied te verlaten.

  • 20 december 2022

    Verzoekers om internationale bescherming uit Afghanistan moeten kunnen duiden wat de invloed is van de machtsovername door de taliban op hun persoonlijke situatie. Een nieuw persoonlijk onderhoud met het Commissariaat-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen (CGVS) of het invullen van een nieuwe vragenlijst is niet altijd vereist. Verzoekers kunnen dat ook duiden in hun verzoekschrift, bij aanvullende nota of ter terechtzitting bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV). Dit oordeelt de RvV op 13-10-2022.

  • 20 december 2022

    In een arrest van 11-2-2022 stelt de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) dat er in de Gazastrook sprake is van een gewapend conflict. Voor de toekenning van de subsidiaire beschermingsstatus moet het Commissariaat-generaal voor de vluchtelingen en staatlozen (CGVS) de persoonlijke omstandigheden onderzoeken. De RvV vernietigt de weigering van het CGVS omdat deze de verscherpte lokale vatbaarheid te weinig heeft onderzocht. De familiewoning van verzoekster licht immers dichtbij doelwitlocaties.

  • 20 december 2022

    Een RvV arrest van 22-6-2022 erkent een 17-jarig Somalisch meisje dat vier jaar met haar moeder in België woont als vluchteling, gelet op haar vrees voor vervolging (genitale verminking, discriminatie, ...) doordat ze tot een bepaalde sociale groep behoort, met name verwesterde personen.

  • 19 december 2022

    Het Grondwettelijk Hof stelt in een arrest van 24-11-2022 een discriminatie vast in de woonplaatsvoorwaarde van de Brusselse ordonnantie van 25-4-2019 voor kinderen die vóór 1-1-2020 recht hadden op de ‘oude’ federale gezinsbijslagen ook als hun hoofdverblijfplaats niet geregistreerd staat in het Rijksregister in een Brusselse gemeente maar ze er wel daadwerkelijk verblijven. Volgens de letter van de ordonnantie voldeden deze kinderen wel nog aan de verblijfsvoorwaarde van de nieuwe Brusselse gezinsbijslag, maar niet aan de woonplaatsvoorwaarde. Dat is ongrondwettig ook omdat het niet strookt met de wens van de Brusselse regelgever om kinderen zonder wettig verblijf het recht op kinderbijslag niet te ontnemen als zij hier voor 1-1-2020 recht op hadden.

  • 19 december 2022

    Bij vonnis van 18-8-2022 veroordeelt de Arbeidsrechtbank van Brussel Fedasil om aangepaste opvang te voorzien voor een verzoeker om internationale bescherming (VIB) die het slachtoffer werd van verkrachting in een opvangcentrum. Deze opvang moet aangepast zijn aan de kwetsbaarheid van deze VIB zoals voorzien in de Opvangwet.

  • 14 december 2022

    De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen oordeelde in arresten van 4 en 9 augustus 2022 dat om internationale bescherming verzoeken in België niet volstaat om een gegronde vrees voor vervolging te hebben in Burundi. Verzoekers moeten concreet aantonen dat zij persoonlijk een gegronde vrees voor vervolging hebben.

  • 14 december 2022

    Op 1-1-2023 wordt richtlijn (EU) 2016/801 gedeeltelijk omgezet. Vanaf dan is het mogelijk om voor vrijwilligers in het kader van Europese vrijwilligersprojecten een gecombineerde vergunning of arbeidskaart aan te vragen. Daarnaast veranderen de regels voor gecombineerde vergunningen en arbeidskaarten voor stagiairs. Ook onderzoekers stappen binnenkort in het gecombineerde vergunningen- en arbeidskaartensysteem, maar die regels treden pas op 1-3-2023 in werking.

    Vanaf 1-1-2023 kunnen onderzoekers die hun onderzoek voltooid hebben wel een zoekjaar aanvragen. Het koninklijk besluit van 27 november 2022 dat deze regels in werking laat treden werd op 23-12-2022 in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd.

  • 14 december 2022

    Sinds 19-9-2022 kunnen de Dienst Vreemdelingenzaken en het Commissariaat-generaal voor de vluchtelingen en staatlozen gehoren op afstand organiseren. De koninklijke besluiten van 2003 die de asielprocedure regelen voor DVZ en voor CGVS zijn daartoe aangepast.

  • 14 december 2022

    Het hof van beroep van Bergen onderzoekt in dit arrest van 18-7-2022 nogmaals de vraag die al tot zoveel controverse leidde: zijn Palestijnen staatloos? Het hof concludeert, zoals het Hof van Cassatie op 19-11-2021, dat Palestina een staat is volgens de criteria van de Conventie van Montevideo. Maar het hof van beroep van Bergen stelt wel dat twee categorieën Palestijnen staatloos zijn: deze geregistreerd bij UNRWA die niet in UNRWA-gebied verblijven en deze niet-geregistreerd bij UNRWA die niet in UNRWA-gebied én ook niet in Palestijns bezet gebied verblijven.

  • 1 december 2022

    Vanaf 14-11-2022 tot 1-4-2023 kunnen asielzoekers die werken verplicht of vrijwillig een opheffing van hun toewijzing aan een opvangplaats (code 207) krijgen. Vanaf december 2022 wordt in het Rijksregister IT141 een nieuwe code (LOG) 7 gecreëerd voor deze asielzoekers maar ook voor sinds minder dan 6 maanden erkende vluchtelingen of subsidiair beschermden die bij familie of vrienden verblijven. Als de gemeente die code aanduidt, heeft dergelijke samenwoonst geen negatieve impact op belastingen en op eventuele steun of uitkering van alle betrokkenen. Deze tijdelijke maatregelen staan in een nieuwe instructie van Fedasil en worden nog verder toegelicht.

  • 23 november 2022

    Op 29 april 2022 kent de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen de vluchtelingenstatus toe aan een Salvadoraanse vrouw die het slachtoffer is van huiselijk geweld. De RvV acht het namelijk niet redelijk om aan te nemen dat de Salvadoraanse autoriteiten haar konden beschermen. “Getrouwde vrouwen in El Salvador die niet in staat zijn om hun relatie te verlaten” zijn een herkenbare, specifieke sociale groep. Dit kan de basis kan zijn voor een nood aan internationale bescherming.

Pagina's