Rechtbank van eerste aanleg
Brugge
15/371/B
Nationaliteit - nationaliteitsverklaring – negatief advies OM – gewichtige feiten eigen aan de persoon – art. 12bis, § 1, 2° WBN – art. 1, § 2, 4° WBN – art. 2 KB 14 januari 2013 - geen veroordeling tot effectieve gevangenisstraf – tijdsverloop sinds de ernstige feiten – verkeersinbreuken – negatief advies ongegrond

Verzoeker beschikt over een gevuld strafregister, bestaande uit één correctionele veroordeling in 1999 wegens de uitgifte van ongedekte cheques, 10 politionele veroordelingen die zich situeren in de periode 1999 tot 2011 en een reeks processen-verbaal.

 

Er ligt geen veroordeling tot een effectieve gevangenisstraf voor. De voormelde veroordeling van 8 juni 1999 betreft een veroordeling wegens de uitgifte van ongedekte cheques tot een gevangenisstraf van twee maanden, waarvan de tenuitvoerlegging integraal uitgesteld werd voor een termijn van drie jaar. De overige veroordelingen betreffen verkeersinbreuken, waarvoor geen gevangenisstraf werd opgelegd.

 

De voormelde correctionele veroordeling betreft een ernstig feit. Er ligt evenwel geen bewijs voor dat verzoeker zich na deze veroordeling, die meer dan 16 jaar geleden uitgesproken werd voor feiten van circa 18 jaar geleden, nog schuldig gemaakt heeft aan een zwaarwichtig feit. Verzoeker heeft integendeel blijk gegeven van verantwoordelijkheidszin door een passende job te zoeken en te behouden, en door na het stichten van een gezin in te staan voor het levensonderhoud, de opvoeding en de opleiding van zijn kinderen, waarop zij recht hebben, zonder aanleiding te geven tot klachten. Verzoeker voldoet (inmiddels) aan alle grondvoorwaarden voor het bekomen van de Belgische nationaliteit. Mede gelet op het tijdsverloop sinds de voormelde feiten, respectievelijk sinds de voormelde veroordeling, komt het misdrijf inzake uitgifte van ongedekte cheques niet in aanmerking als een gewichtig feit dat de nationaliteitsverwerving in de weg staat.

 

Wat de voormelde verkeersinbreuken betreft, ook al zijn deze ernstig, het betreft geen feiten die dusdanig ernstig zijn dat zij een beletsel vormen voor het verwerven van de Belgische nationaliteit.