Controle van het verblijf

De minister of DVZ kan twee soorten controles verrichten:

  • voor de vernieuwing van elke A kaart kan de minister of DVZ controleren of je nog steeds voldoet aan de voorwaarden voor gezinshereniging (bv. een samenwoonstverslag door de wijkagent)
  • daarnaast kan de minister of DVZ op elk moment controles verrichten bij gegronde vermoedens van fraude, schijnhuwelijk of -partnerschap

Einde van het verblijf

Als na een controle blijkt dat je niet (meer) voldoet aan een of meerdere voorwaarden, kan de minister of DVZ een einde maken aan je verblijfsrecht.

Dat kan alleen in een van de volgende gevallen:

  • je echtgenoot of partner verliest zelf zijn verblijfsrecht in België
  • je voldoet niet meer aan de voorwaarden voor gezinshereniging. Bijvoorbeeld: je echtgenoot of partner heeft geen voldoende bestaansmiddelen meer. De DVZ moet daarbij wel rekening houden met eventuele inkomsten van andere gezinsleden (Grondwettelijk Hof 26 september 2013, nr. 121/2013)
  • jij en je echtgenoot of partner hebben geen werkelijk huwelijks of- gezinsleven meer
  • je echtgenoot of partner pleegde fraude
  • het gaat om een schijnhuwelijk of -partnerschap
  • je bent een gevaar voor de openbare orde of nationale veiligheid. Je gedrag moet een werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging zijn voor een fundamenteel belang van de samenleving.

Daarnaast kan de minister of DVZ je verblijfsrecht retroactief intrekken als je zelf fraude pleegde die bijgedragen heeft tot de erkenning van je verblijfsrecht. 

De gemeente geeft je dan een bevel om het grondgebied te verlaten (BGV).

Voordat de minister of DVZ je verblijfsrecht beëindigt of intrekt zal hij je schriftelijk vragen om eventuele relevante informatie, die het nemen van de beslissing kan verhinderen of beïnvloeden, over te maken. Op de hoorplicht bestaan wel een aantal wettelijke uitzonderingen. Ook moet de minister of DVZ altijd rekening houden met de volgende elementen:

  • de aard en de hechtheid van je gezinsband
  • de duur van je verblijf in België
  • het bestaan van familiale-, culturele of sociale banden met je land van herkomst

Als je verblijfsrecht beëindigd wordt om redenen van openbare orde of nationale veiligheid, moet de minister of DVZ rekening houden met:

  • de ernst of de aard van de inbreuk op de openbare orde of nationale veiligheid
  • het gevaar dat van je uitgaat 
  • de duur van je verblijf in België
  • het bestaan van banden met België
  • het ontbreken van banden met je land van oorsprong
  • je leeftijd
  • de gevolgen voor jou en je familieleden

In principe krijg je 15 dagen de tijd vanaf de ontvangst van de brief van de minister of DVZ om relevante informatie schriftelijk over te maken. Heb je belangrijke informatie over je banden met België? Of over je gezinssituatie? Dan meld je dat best in je antwoord, samen met de bewijzen hiervan. 

Uitzondering voor slachtoffer van intrafamiliaal geweld, familielid van een erkend vluchteling, subsidiair beschermde of medisch geregulariseerde

Als je niet langer samenwoont met je echtgenoot of partner kan de DVZ een einde maken aan je verblijfsrecht. Tenzij je het slachtoffer bent van intrafamiliaal geweld én je echtgenoot of partner een erkend vluchteling, subsidiair beschermde of medisch geregulariseerde is. Dan is er in de wet een bijzondere regeling om het slachtoffer te beschermen.

Er zijn twee vormen van bescherming:

1) DVZ kan geen einde maken aan je verblijfsrecht als je aantoont dat je tijdens het huwelijk of het partnerschap het slachtoffer was van één van de volgende strafbare feiten (artikel 375, 398 tot 400, 402, 403 of 405 Strafwetboek):

  • verkrachting
  • opzettelijke verwondingen of slagen, al dan niet met ziekte, arbeidsongeschiktheid of een aantasting van je fysieke toestand tot gevolg
  • toediening van stoffen die ziekte, arbeidsongeschiktheid of een aantasting van je fysieke toestand veroorzaken

De bewijslast ligt bij het slachtoffer. Als slachtoffer van een misdrijf kan je klacht neerleggen bij de politie. Er wordt dan een PV van verhoor opgesteld. Het parket onderzoekt of ze de dader ook effectief zal vervolgen. Het is dus niet zeker of de klacht zal uitmonden in een strafrechtelijke veroordeling. Een PV van verhoor, in combinatie met een (of meerdere) medische attest(en), vormt een begin van bewijs. Hoe meer bewijzen je als slachtoffer voorlegt, hoe groter de kans dat DVZ en/of de RvV de uitzondering toepast.

2) DVZ moet ook rekening houden met personen die slachtoffer zijn van geweld in de familie.

Het gaat om slachtoffers die niet langer een gezinscel vormen met de persoon die ze vervoegden en bescherming nodig hebben. DVZ brengt het slachtoffer in dat geval op de hoogte van zijn beslissing om geen einde te maken aan het verblijf.

In deze hypothese is de bescherming ruimer omdat het kan gaan om andere vormen van geweld dan de feiten opgesomd in artikel 375, 398 tot 400, 402, 403 en 405 Strafwetboek, bijvoorbeeld psychisch geweld. In de praktijk gaat DVZ strenger om met psychisch geweld dan met fysiek geweld en zal je meer bewijzen moeten overmaken over een langere periode.

Het Grondwettelijk Hof oordeelde dat DVZ, in het kader van zijn discretionaire bevoegdheid, altijd rekening moet houden met het element ‘huiselijk geweld’ bij een beslissing om het verblijfsrecht te beëindigen van een familielid, slachtoffer van intrafamiliaal geweld (GwH 17 september 2015, nr. 121/2015).

Het is van groot belang dat je DVZ en de gemeente zo snel mogelijk op de hoogte brengt van het feit dat je een slachtoffer bent van intrafamiliaal geweld. Je doet dit best schriftelijk met een ontvangstbewijs, bijvoorbeeld per fax of per aangetekend schrijven. Voeg zoveel mogelijk bewijzen toe.

Van zodra er een aanwijzing is over huiselijk geweld of partnergeweld zal de dienst Gezinshereniging van DVZ (voorlopig) geen einde maken aan je verblijfsrecht en bijkomend onderzoek voeren. Het zal dan een brief sturen naar de gemeente die jou op zijn beurt zal vragen een aantal bewijzen over te maken. Je moet dat doen binnen een termijn van 1 tot 3 maanden.

De bewijzen die DVZ van jou zal vragen zijn:

  • het proces-verbaal met je klacht over de feiten van huiselijk geweld of partnergeweld (als je een klacht neergelegd hebt bij de politie)
  • een brief van het parket dat de stand van een eventueel onderzoek weergeeft
  • een of meerdere medische attesten (als je die hebt)
  • eventueel het bewijs dat je verbleven hebt in een opvangcentrum voor mishandelde vrouwen of het begeleidingsplan van het opvangcentrum

Heb je noch de gemeente, noch DVZ op tijd geïnformeerd dat je het slachtoffer bent van huiselijk geweld en is je verblijfsrecht intussen al ingetrokken? Dan loont het de moeite om je bewijzen toch nog over te maken aan DVZ. Zij kunnen hun beslissing om je verblijfsrecht te beëindigen altijd herzien. Een annulatieberoep bij de RvV zal weinig zin hebben. Tenzij DVZ op het moment van zijn beslissing om je verblijfsrecht te beëindigen andere aanwijzingen had dat er mogelijk sprake was van huiselijk geweld en dit niet verder onderzocht. Bijvoorbeeld verklaringen van buren aan een wijkagent.

Annulatieberoep bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen

Tegen het BGV kan je een annulatieberoep instellen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV). Je moet dat doen binnen 30 dagen. Het beroep is automatisch schorsend, op voorwaarde dat je echtgenoot of partner nog altijd wettig in België verblijft. Op het automatisch schorsend karakter bestaat wel een uitzondering. Als je geen beroep instelt wordt je verblijf in België onwettig. 

Extra informatie