De procedure voor DVZ: drie fasen

Wanneer je een verzoek om internationale bescherming wenst te doen, moet dit in persoon gebeuren.

De eerste fase van de asielprocedure, namelijk de fase voor DVZ, wordt opgesplitst in drie onderdelen: 

  • het doen van het verzoek om internationale bescherming: je maakt kenbaar dat je internationale bescherming nodig hebt
  • het registreren van het verzoek
  • het daadwerkelijk indienen van het verzoek

De termijn voor het doen van een verzoek om internationale bescherming is:

  • onmiddellijk of binnen de 8 werkdagen na je illegale binnenkomst in België
  • voordat je kort verblijf van minder dan drie maanden beëindigd is
  • binnen de 8 werkdagen nadat je verblijf van meer dan drie maanden beëindigd is
  • onmiddellijk bij je poging tot illegale binnenkomst aan de grens

Wanneer het verzoek niet tijdig gedaan werd, kan dit beschouwd worden als een indicatie van een risico op onderduiken of kan een versnelde asielprocedure toegepast worden.

Het doen van een verzoek om internationale bescherming

  • Aan de grens

Je kan je verzoek om internationale bescherming aan de grens doen. In de praktijk is dat meestal de luchthaven van Zaventem.

Je doet je aanvraag in persoon bij de grensautoriteiten. Die nemen contact op met DVZ die je verzoek registreert binnen de drie werkdagen. Aan de grens vallen de fase van het doen en indienen van het verzoek in de praktijk samen. 

In afwachting van een behandeling van je verzoek, kan je worden vastgehouden aan de grens. Je wordt dan in detentie geplaatst. Je komt terecht in het Repatriëringscentrum 127bis te Steenokkerzeel of in een gesloten centrum voor mensen in onwettig verblijf (bijvoorbeeld te Brugge of Merksplas). 

Je krijgt een bijlage 25 of bij een volgend verzoek een bijlage 25 quinquies.

  • Op het grondgebied

Je kan je verzoek om internationale bescherming doen op het grondgebied. Dit moet in persoon gebeuren. Alle familieleden die een aanvraag wensen te doen, moeten zich dus mee aanmelden. Je doet dat bij de Dienst Vreemdelingenzaken op het adres: Klein Kasteeltje, Passendalestraat 2, 1000 Brussel. Dat kan op maandag tot en met vrijdag tussen 08:45 en 10:00 's ochtends. In het weekend en op feestdagen is de dienst gesloten.

Na het doen van je verzoek krijg je een "bewijs van aanmelding".

Als verzoeker om internationale bescherming heb je recht op materiële opvang vanaf het moment dat je je verzoek doet. In principe wijst de cel 'Dispatching' van Fedasil je toe aan een (open) opvangplaats, direct nadat je je verzoek gedaan hebt. Vanaf het doen van het verzoek worden ook de andere rechten geopend die verbonden zijn aan een asielprocedure, zoals het recht op bescherming tegen refoulement. Ook de plichten, zoals de medewerkingsplicht, gelden vanaf dan. 

Verblijf je in een strafinrichting of een gesloten centrum? Dan kan je je verzoek om internationale bescherming bij de directeur van de instelling indienen.

Heb je al een wettig verblijf in België? Bijvoorbeeld als buitenlandse student of als toerist? Dan kan je tijdens je wettig verblijf een verzoek om internationale bescherming doen, wanneer de situatie in je thuisland zodanig geëvolueerd is dat je vreest voor vervolging als je terugkeert naar je land.

Registratie van het verzoek om internationale bescherming

Nadat je je verzoek om internationale bescherming gedaan hebt, zal DVZ je verzoek binnen de drie werkdagen registreren. Deze termijn kan oplopen tot tien werkdagen in geval veel verzoeken terzelfdertijd worden gedaan en het in de praktijk niet mogelijk is om binnen de drie werkdagen te registreren. In de praktijk gebeurt de registratie op dezelfde dag en locatie als het doen van het verzoek.

Tijdens de fase van het doen van je verzoek om internationale bescherming en de registratie ervan door DVZ gebeurt het volgende:

  • veiligheidscontrole
  • identificatie
  • in bewaring nemen van identiteitsdocumenten
  • afname biometrische gegevens (foto en vingerafdrukken)
  • overhandiging van informatiebrochures
  • er wordt gepeild of je een kwetsbaar profiel hebt en of er andere familieleden in België zijn
  • er wordt gepeild naar eventuele bijzondere procedurele noden
  • je krijgt een medische screening
  • je krijgt een bewijs van aanmelding met daarop een latere datum en uur waarop je je terug moet aanmelden om je verzoek daadwerkelijk in te dienen

De ambtenaar van DVZ waarborgt een passende geheimhouding en is gebonden tot naleving van de bescherming van het privé leven.

Er worden foto's genomen en DVZ mag vingerafdrukken nemen. Op basis van je vingerafdrukken kan DVZ nagaan of je via een ander land gereisd bent en of je al in een ander land van de Europese Unie asiel aanvroeg. DVZ vergelijkt je vingerafdrukken in het internationaal PRINTRAK/Eurodac-systeem.

Er wordt verder een medische screening uitgevoerd door Fedasil, in het bijzonder op TBC (röntgenfoto longen vanaf 6 jaar). Er kunnen ook vaccinaties gegeven worden.

Je originele identiteitsdocumenten worden in bewaring genomen. Je ontvangt een ontvangstbewijs en een kopie indien je daarom vraagt. Deze documenten zullen in bewaring blijven gedurende de hele asielprocedure. Je kan deze enkel vervroegd terugvragen wanneer je daar een geldige reden voor hebt en wanneer het noodzakelijk is. Na de asielprocedure zal de teruggave afhangen van de eindbeslissing van de asielinstanties. De teruggave gebeurt nooit wanneer is vastgesteld dat het document vals is. Zie voor meer informatie "Bewaring en teruggave van (identiteits)documenten".

Daadwerkelijke indiening van je verzoek om internationale bescherming

Je moet je verzoek onmiddellijk of zo snel mogelijk nadat je verzoek gedaan hebt (met een maximumtermijn van dertig dagen) daadwerkelijk kunnen indienen. Dit gebeurt bij DVZ, op de datum en het uur aangeduid op je bewijs van aanmelding, op het adres Pachecolaan 44, 1000 Brussel. Deze termijn kan verlengd worden bij KB in geval een groot aantal verzoeken tegelijk wordt ingediend en het daardoor in de praktijk zeer moeilijk is om deze termijn na te leven. Dergelijk KB kan maar gelden voor drie maanden.

 Op de dag waarop je opgeroepen wordt om je verzoek daadwerkelijk in te dienen:

  • krijg je een bijlage 26 of, in geval van een volgend verzoek, een bijlage 26quinquies 
  • word je geregistreerd in het wachtregister
  • doe je taalkeuze
  • wordt een vragenlijst over bijzondere procedurele noden ingevuld (indien dit niet eerder gebeurde)
  • wordt het eerste gehoor afgenomen, tenzij er op die dag niet voldoende tolken aanwezig zijn
  • doe je keuze van woonplaats

Bijlage 26 en registratie in het wachtregister

Je identiteitsgegevens worden genoteerd in een bijlage 26 of een bijlage 26quinquies in geval van een volgend verzoek, en in het wachtregister.

Kijk goed na of je identiteitsgegevens en de gegevens van de burgerlijke stand correct zijn. Als de gegevens fout zijn genoteerd, dan heb je tijdens het interview nog de kans om dat recht te zetten. Wijzigingen die later worden gemeld, kan je alleen rechtzetten op voorlegging van geldige documenten, bijvoorbeeld een internationaal paspoort of gelegaliseerde akten, en na afspraak bij de DVZ. Neem contact op via: DVZ, Cel Administratie en Registratie van de Directie Asiel,  tel. NL 02 793 90 71 en FR 02 793 90 73, e-mail NL asiel.administratie@ibz.fgov.be en FR asile.administration@ibz.fgov.be

Binnen de 8 werkdagen na de indiening van je eerste verzoek (en na toelating tot binnenkomst als de asielaanvraag aan de grens gebeurde) moet je je aanmelden bij het gemeentebestuur van je woonplaats. Na inzage in je bijlage 25 of 26 en controle van de effectieve verblijfplaats, overhandigt de gemeente een attest van immatriculatie model A (oranje kaart) met een geldigheidsduur van 4 maanden vanaf de indiening van je verzoek om internationale bescherming (datum van afgifte van de bijlage 26 of 25). Dit AI wordt verlengd tijdens de verdere duur van je asielprocedure.

In afwachting van de registratie van je effectieve verblijfplaats word je voor maximum zes maanden fictief ingeschreven op het adres van Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ). Wanneer je na die tijd nog steeds niet ingeschereven bent bij de gemeente waar je verblijft, word je door DVZ geschrapt uit het wachtregister. De ambtshalve schrapping beëindigt de lopende asielprocedure niet.

Taalkeuze

Je ondertekent een formulier van taalkeuze. Als je aangeeft geen tolk nodig te hebben kan je kiezen tussen het Frans of het Nederlands als proceduretaal.

Als je kiest voor de bijstand van een tolk, dan beslist de DVZ of het dossier aan de Nederlandse of Franse taalrol wordt toegekend. Je hebt daar zelf geen inspraak in en er is geen beroep mogelijk tegen deze beslissing.

Vanaf de taalkeuze ligt de taalrol voor de rest van de procedure vast. Dat betekent dat alle officiële documenten over de asielprocedure (oproepingen, beslissingen) in de gekozen of toegewezen taal worden opgesteld. En dat ook de interviews bij de DVZ, het CGVS, de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) en de Raad van State in die taal plaatsvinden.

Ook voor eventuele volgende verzoeken, blijft deze taalkeuze gelden.

Vragenlijst over bijzondere procedurele noden

Indien dit niet reeds bij de registratie gebeurde, moet je bij de indiening van je verzoek met behulp van een tolk een vragenlijst invullen over elementen die kunnen wijzen op bijzondere procedurele noden. Mits jouw toestemming, kan ook een medisch onderzoek plaatsvinden, om dergelijke noden vast te stellen.

Ook in een latere fase van de asielprocedure kan je schriftelijk nog bijzondere procedurele noden signaleren aan het CGVS. Dit dient precies en omstandig te gebeuren.

Bijzondere procedurele noden gaan over de procedure en dus niet over de inhoudelijke beoordeling van je verzoek. Er kan bijvoorbeeld een vrouwelijke of mannelijke tolk voorzien worden, of het persoonlijk onderhoud bij het CGVS kan uitgevoerd worden door een protection officer die opgeleid is om minderjarigen, slachtoffers van seksueel geweld of personen die werden vervolgd omwille van genderidentiteit te interviewen. De instanties kunnen ook beslissen om geen versnelde procedure of procedure aan de grens toe te passen.

Eerste gehoor bij DVZ

Het gehoor bij DVZ gaat over je identiteit, herkomst en reisweg.

Volgende elementen worden onderzocht:

  • hetzij het onderzoek naar de vaststelling van de verantwoordelijke lidstaat (Dublin)
  • hetzij je redenen voor je verzoek om internationale bescherming en de bewijsstukken
  • hetzij je nieuwe elementen in het kader van een volgend verzoek en de bewijsstukken

Daarover vul je een vragenlijst in samen met een ambtenaar van DVZ en eventueel een tolk. De vragenlijst dient als voorbereidend document voor het eigenlijke onderzoek door het CGVS. Hoewel dit slechts een kort gehoor is, wordt er van je verwacht dat je al in deze fase alle redenen vermeldt waardoor je ervoor hebt gekozen je land van herkomst te verlaten.

De ingevulde vragenlijst wordt aan je voorgelezen en moet je ter goedkeuring ondertekenen. Je mag weigeren, maar dan worden de redenen van weigering vermeld. Je vraagt best naar een kopie van deze vragenlijst. Het document wordt niet automatisch meegegeven. Het is belangrijk dit, indien nodig met een tolk, goed na te lezen en je eventuele opmerkingen of aanvullingen zo snel mogelijk per aangetekende brief aan het CGVS te bezorgen. Of je kan deze ook mondeling toelichten op je eerste persoonlijk onderhoud voor het CGVS maar dan is het heel belangrijk dit helemaal aan het begin van dit onderhoud te doen. Het CGVS zal immers je verklaringen van de vragenlijst vergelijken met je verklaringen op het persoonlijk onderhoud.

Tijdens het eerste gehoor bij DVZ mag jouw advocaat of de vertrouwenspersoon niet aanwezig zijn. Als je minderjarig bent, mag je voogd wel aanwezig zijn.

Overhandig alle documenten die je hebt en die je asielaanvraag kunnen ondersteunen. Het ontbreken van bewijselementen, en in het bijzonder van bewijs omtrent de identiteit of nationaliteit, vormt een negatieve indicatie over je algehele geloofwaardigheid, tenzij je er een goede verklaring voor hebt.

Je originele identiteitsdocumenten werden reeds ingehouden toen je je verzoek deed. Ook de andere originele bewijsstukken kunnen bewaard worden door de asielinstanties. Je krijgt dan een ontvangstbewijs met een korte beschrijving van de neergelegde stukken en op jouw vraag ook een kopie. Wanneer er een definitieve beslissing is genomen over je asielprocedure kan je de originele stukken terugvragen. Voor identiteitsdocumenten zal de teruggave wel afhangen van het soort beslissing dat genomen werd. De teruggave gebeurt nooit wanneer is vastgesteld dat het document vals is.

Je zal bij het indienen van het verzoek ook geïnformeerd worden dat de stukken die je voorlegt,  vergezeld moeten zijn van een vertaling in één van de drie landstalen of het Engels. Wanneer je dit niet doet, moet je minstens de relevante gegevens uit de stukken toelichten tijdens het persoonlijk onderhoud bij het CGVS. Bij gebrek aan een vertaling is het CGVS niet verplicht de gehele stukken te vertalen. Enkel de relevante gegevens volstaan.

Woonplaatskeuze

Je moet als verzoeker om internationale bescherming een woonplaats kiezen. De DVZ en het CGVS versturen de oproepingen, vragen om inlichtingen en kennisgevingen naar dat adres. Je woonplaats kiezen doe je best per aangetekende brief, aan zowel DVZ als het CGVS. Je kan daarvoor best het formulier gebruiken dat je vindt op de website van het CGVS.  Elke latere adreswijziging moet je ook onmiddellijk, en opnieuw per aangetekende brief, aan zowel de DVZ als het CGVS doorgeven.

Het gekozen adres moet niet noodzakelijk samenvallen met het adres waar je werkelijk verblijft. Het kan bijvoorbeeld ook het adres van de advocaat zijn. Je moet er wel voor zorgen dat je onmiddellijk op de hoogte gebracht wordt als er poststukken toegekomen zijn op dat adres.

Als je geen adres opgeeft, dan word je geacht woonstkeuze te doen op het CGVS te Brussel. Zolang je geen ander adres van woonstkeuze doorgeeft, zal de DVZ alle officiële documenten die aan jou gericht zijn naar het CGVS sturen, waar je ze moet afhalen. Het CGVS zal je niet verwittigen wanneer er post voor je is aangekomen. Je moet dat dus zelf in de gaten houden.

Registratie van volgende verzoeken

Een nieuw verzoek om internationale bescherming is niet mogelijk zolang de beroepstermijn tegen de beslissing van het CGVS uit de vorige procedure nog loopt of zolang het beroep bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RVV) nog hangende is. Dit verzoek zal dus niet geregistreerd worden door de DVZ.

Verder zal een verzoek dat je indient nadat je teruggekeerd bent naar je land van herkomst als een volgend verzoek worden geregistreerd.

DVZ registreert wat volgens jou de nieuwe elementen zijn bij het indienen van een volgend verzoek. Nieuwe elementen zijn gegevens die de kans aanzienlijk groter maken dat je voor erkenning als vluchteling in de zin van artikel 48/3 of voor subsidiaire bescherming in de zin van artikel 48/4 in aanmerking komt. Ook moet je aangeven waarom je deze elementen niet eerder kon aangeven. Het CGVS moet volgens de wet rekening houden met het feit dat je zonder geldige reden hebt nagelaten de nieuwe elementen tijdens je vorige asielprocedure in te roepen, inclusief tijdens de beroepsprocedure.

Na de verklaring over de nieuwe elementen te hebben genoteerd stuurt de DVZ de aanvraag door naar het CGVS die dan een beslissing zal nemen. Je krijgt een bijlage 26quinquies of 25quinquies (aan de grens).

DVZ verlengt de bijlagen tot de beslissing van het CGVS over de ontvankelijkheid van je volgend verzoek.

Als het CGVS het volgend verzoek ontvankelijk verklaart, dan levert de gemeente een attest van immatriculatie af van 4 maanden. Dat attest wordt verlengd tot de beslissing ten gronde van het CGVS en gedurende de beroepstermijn en het beroep voor de RVV.

Als het CGVS de nieuwe asielaanvraag niet-ontvankelijk verklaart, dan verlengt DVZ de bijlage 26quinquies of 25quinquies verder gedurende de beroepstermijn en het beroep voor de RVV, tenzij het om een tweede volgend verzoek gaat (derde asielaanvraag), dan levert DVZ een bevel om het grondgebied te verlaten af.

Registratie van minderjarige kinderen van verzoekers om internationale bescherming

Vermelding op bijlage 26

Als je als verzoeker om internationale bescherming naar België bent gekomen met je minderjarige kinderen, dan moet je je met hen aanbieden bij de DVZ. De kinderen worden met naam, voornaam en geboortedatum vermeld op de bijlage 26 van de moeder. Als alleen de vader in België is, dan worden zij vermeld op de bijlage 26 van de vader.

Er wordt vermoed dat je het verzoek om internationale bescherming ook in naam van je minderjarige kinderen indient. Dit vermoeden blijft bestaan tot op het moment dat er een definitieve beslissing wordt genomen, zelfs indien je kinderen ondertussen meerderjarig zijn geworden.

Nieuwe kinderen geboren tijdens de asielprocedure

Als er tijdens de procedure minderjarige kinderen bijkomen, dan moeten zij op de bijlage 26 van de moeder of de vader worden gezet.

De procedure is verschillend naargelang het kind in België of in het buitenland is geboren.

Een kind dat tijdens de procedure in België wordt geboren, moet via de gemeente geregistreerd worden. De gemeente faxt de geboorteakte door naar de DVZ. De DVZ past het wachtregister aan en voegt het kind toe op de bijlage van de moeder.

Een minderjarig kind dat niet in België is geboren, moet samen met één van de ouders een afspraak maken met de DVZ via: Bureau Minderjarigen, 02 206 13 63, fax 02 274 66 57, Bur_3MO1@dofi.fgov.be). Je moet de nodige identiteitsdocumenten van het kind voorleggen. Er volgt eventueel een interview. De DVZ gaat de familieband na. Als de familieband bewezen wordt geacht, dan voegt de DVZ het kind toe op de bijlage. De DVZ past het wachtregister aan.

Niet-begeleide minderjarige (NBM)

Als je als minderjarige niet wordt vergezeld door iemand die het ouderlijk gezag of de voogdij over je uitoefent, kan je ook zelf een verzoek om internationale bescherming indienen. Je bent dan een niet-begeleide minderjarige (NBM) verzoeker. Een speciaal bureau voor minderjarigen volgt de asieldossiers op binnen de DVZ.

Je volgt de gewone asielprocedure, maar:

  • de Dublincriteria worden niet toegepast indien deze niet in jouw belang zijn
  • de asielinstanties houden bij het afnemen van interviews rekening met het feit dat je minderjarig bent. Interviews worden afgenomen door personeelsleden die getraind zijn in het omgaan met kinderen. De asielinstanties moeten de voogd, die door de dienst Voogdij werd toegekend, steeds toestaan het gehoor bij te wonen. Een speciaal bureau minderjarigen onder directie Asiel volgt de asieldossiers van deze kinderen en jongeren op binnen DVZ, tot aan het einde van de procedure. Dus vanaf de inschrijving, het verhoor, de beslissing, de plaatsing met akkoord van dispatching en de administratieve opvolging.

Bij twijfel over je werkelijke leeftijd kan via een medisch onderzoek je leeftijd worden gecontroleerd. Er zal een röntgenfoto van de pols, het sleutelbeen en het gebit worden genomen.

Niet-begeleide minderjarigen kunnen ook een beroep doen op de bijzondere verblijfsprocedure voor niet-begeleide minderjarige vreemdelingen. Sinds de wetswijziging van 26 februari 2015, die in werking trad op 26 maart 2015, kan je deze verblijfsprocedure ook opstarten als je al een verzoek om internationale bescherming hebt gedaan of een andere verblijfsprocedure bent begonnen.

Extra informatie