Behandelingstermijn CGVS

De behandelingstermijn in een gewone procedure voor het CGVS is volgens de Verblijfswet zes maanden vanaf de ontvangst van het dossier door het CGVS.

Deze termijn kan verlengd worden met ten hoogste negen maanden als:

  • complexe, feitelijk en/of juridische kwesties aan de orde zijn
  •  een groot aantal verzoeken terzelfdertijd worden gedaan
  •  de vertraging van de behandeling aan de verzoeker zelf te wijten is

Daarna kan de termijn met nog eens drie maanden verlengd worden, indien dit noodzakelijk is met het oog op een volledige en behoorlijke behandeling van het verzoek.

Wanneer er onzekerheid is over de situatie in het land van herkomst, die naar verwachting tijdelijk is, kan de termijn verder worden verlengd tot ten hoogste 21 maanden.

Het CGVS moet je in kennis stellen van de verlenging van de behandelingstermijn en geeft, indien je daar om verzoekt, informatie over de reden van de verlenging en een indicatie van het tijdsbestek waarbinnen de beslissing zal worden getroffen.

CGVS verklaart je verzoek om internationale bescherming ontvankelijk of niet-ontvankelijk

Het CGVS kan je verzoek om internationale bescherming niet-ontvankelijk verklaren wanneer er sprake is van:

  • een eerste land van asiel
  • een veilig derde land
  • een verzoeker die reeds internationale bescherming (vluchtelingenstatutus, of subsidiaire beschermingstatus) kreeg in een andere lidstaat van de Europese Unie
  • een verzoeker die onderdaan is van een lidstaat van de Europese Unie of van een staat die partij is bij een Toetredingsverdrag tot de Europese Unie
  • een volgend verzoek om internationale bescherming zonder nieuwe elementen
  • een begeleide minderjarige vreemdeling die geen eigen feiten aanhaalt die een apart verzoek rechtvaardigen, nadat er eerder namens hem een verzoek om internationale bescherming werd ingediend waarover een definitieve beslissing werd genomen

In de eerste vier gevallen zal het CGVS, wanneer er geen reden is om het verzoek niet-ontvankelijk te verklaren, direct overgaan tot een beslissing ten gronde. In de laatste twee gevallen zal eerst een beslissing tot ontvankelijkheid genomen worden.

Er geldt een verkorte oproepingstermijn van twee dagen voor al deze gevallen. In het geval van een volgend verzoek is het CGVS niet verplicht je te horen.

Het CGVS moet volgens de wet streven naar een behandelingstermijn van:

  • zes maanden voor eerste land van asiel
  • vijftien werkdagen voor veilig derde land, verzoeker met internationale beschermingsstatus in ander EU-land, EU-verzoeker of begeleide minderjarige vreemdeling
  • tien werkdagen (en twee werkdagen in geval van detentie) voor volgende verzoeken

Tegen deze beslissingen kan je een schorsend beroep indienen bij de RVV, binnen de tien dagen. Er gelden uitzonderingen in geval van een volgend verzoek dat vanuit detentie wordt ingediend.

Eerste land van asiel

Een land kan beschouwd worden als eerste land van asiel wanneer:

  • je opnieuw tot het grondgebied van dat land wordt toegelaten en
  • je in dat land erkend bent als vluchteling en je die bescherming nog kan genieten
  • ofwel je reëele bescherming geniet in dat land, met inbegrip van het genot van het beginsel van non-refoulement

Je kan dit weerleggen door elementen voor te leggen waaruit blijkt dat je:

  • niet langer beroep kan doen op de reële bescherming
  • of dat je niet opnieuw tot het grondgebied van dit land wordt toegelaten.

Veilig derde land

Een derde land kan als veilig worden beschouwd wanneer:

  • je een zodanige band hebt met het land dat het voor jou redelijk is naar dat land te gaan  
  • vermoed kan worden dat je daar opnieuw zal toegelaten worden

Bovendien moet je ook overeenkomstig alle volgende beginselen worden behandeld in dat land:

  • het leven en de vrijheid worden er niet bedreigd omwille van redenen van ras, religie, nationaliteit, lidmaatschap van een bepaalde sociale groep of politieke overtuiging
  • er bestaat geen risico op ernstige schade
  • het beginsel van non-refoulement wordt er gerespecteerd
  • het verbod op verwijdering naar een land met risico op foltering en andere wrede, onmenselijke of vernederende behandeling wordt nageleefd
  • er is de mogelijkheid om de vluchtelingenstatus aan te vragen en indien men als vluchteling erkend wordt een bescherming te krijgen overeenkomstig de Conventie van Genève

Alle relevante feiten en omstandigheden worden in aanmerking genomen om te beoordelen of er een voldoende band is.

Bij de uitvoering van een weigeringsbeslissing gebaseerd op veilig derde land, ontvang je een document met de mededeling dat je verzoek om internationale bescherming niet inhoudelijk is onderzocht. Dit document is gericht aan de autoriteiten van het veilig derde land en opgesteld in de taal van dat land.

Er is geen controle op de effectieve toegang tot het veilig derde land, een vermoeden volstaat. 

Asielaanvraag van een vluchteling die erkend werd in een andere EU-lidstaat

Het CGVS kan een asielaanvraag niet-ontvankelijk verklaren wanneer een andere lidstaat jou reeds de vluchtelingenstatus of de subsidiaire beschermingstatus heeft toegekend. Tenzij je elementen voorlegt waaruit blijkt dat je je niet langer kan beroepen op de reeds verleende bescherming.

Volgend verzoek

Het CGVS onderzoekt of er nieuwe elementen aan de orde zijn die de kans aanzienlijk groter maken dat je voor erkenning als vluchteling of voor subsidiaire bescherming in aanmerking komt.

Bij gebrek aan nieuwe elementen, verklaart het CGVS je beslissing niet-ontvankelijk. Het CGVS beslist op basis van de verklaring die de DVZ opstelde en is niet verplicht om je uit te nodigen voor een gehoor.

Een begeleide minderjarige vreemdeling die geen eigen feiten aanhaalt

Er geldt volgens de Verblijfswet een vermoeden dat begeleide minderjarigen dezelfde procedure volgen als hun ouders, ook als ze meerderjarig worden tijdens deze procedure. De beslissing die voor de ouder genomen wordt, geldt ook voor de minderjarige.

Maar een begeleide minderjarige kan ook een eigen verzoek om internationale bescherming doen. Dit verzoek zal enkel ontvankelijk zijn als:

  • de ouders reeds een verzoek hebben ingediend dat het voorwerp uitmaakt van een definitieve beslissing
  • de minderjarige verzoeker nadien een eigen verzoek indient
  • de minderjarige eigen feiten aanhaalt
  • deze persoonlijke motieven een apart verzoek rechtvaardigen

In het geval van een eigen verzoek wordt steeds een volwaardig persoonlijk onderhoud gehouden, op voorwaarde dat de minderjarige voldoende onderscheidingsvermogen heeft. Er wordt rekening gehouden met de leeftijd, maturiteit en kwetsbaarheid.

CGVS beslist je verzoek om internationale bescherming versneld te behandelen

Het CGVS kan een verzoek versneld behandelen als :

  • de verzoeker alleen elementen heeft aangehaald die niet ter zake doen
  • de verzoeker uit een ‘veilig land van herkomst’ komt
  • de verzoeker de autoriteiten misleid heeft door omtrent zijn identiteit en/of nationaliteit valse informatie of documenten te verstrekken, of door relevante informatie of documenten die een negatieve invloed kunnen hebben op de beslissing achter te houden
  • de verzoeker waarschijnlijk te kwader trouw een identiteits- of reisdocument heeft vernietigd of er zich van ontdaan
  • de verzoeker kennelijk incoherente en tegenstrijdige, kennelijk valse of duidelijk onwaarschijnlijke verklaringen heeft afgelegd, die tegenstrijdig zijn met voldoende geverifieerde informatie
  • het volgend verzoek ontvankelijk werd verklaard en het verzoek ten gronde wordt onderzocht
  • enkel een verzoek om internationale bescherming gedaan wordt om terugdrijving of verwijdering uit te stellen of te verijdelen
  • de verzoeker zich, zonder gegronde reden, niet zo snel mogelijk bij autoriteiten aangemeld heeft nadat hij het grondgebied onrechtmatig is binnengekomen
  • de verzoeker weigert vingerafdrukken te laten nemen
  • er ernstige redenen zijn om aan te nemen dat de verzoeker een gevaar vormt voor de nationale veiligheid of de openbare orde

De oproepingstermijn voor een persoonlijk onderhoud is twee dagen. Het gaat wel om een onderzoek ten gronde, maar de behandelingstermijn is slechts vijftien werkdagen. De beroepstermijn voor het schorsend beroep voor de RVV is slechts tien dagen. Wanneer het CGVS het verzoek niet binnen de vijftien werkdagen behandelt, geldt echter de gewone beroepstermijn van dertig dagen. 

Verzoek om internationale bescherming van een verzoeker uit een veilig land van herkomst

Het CGVS kan beslissen om je verzoek om internationale bescherming versneld te behandelen als uit jouw verklaringen niet duidelijk blijkt dat er een gegronde vrees voor vervolging bestaat of dat er zwaarwegende gronden zijn om aan te nemen dat je een reëel risico loopt op ernstige schade. Bedoeling is een zekere omkering van de bewijslast. Het vermoeden geldt dat je geen vrees voor vervolging of reëel risico op ernstige schade loopt. Je zal substantiële redenen moeten opgeven waaruit blijkt dat in jouw specifieke omstandigheden, je land van herkomst niet als veilig beschouwd kan worden.

Een land wordt veilig geacht als is aangetoond dat er algemeen gezien en op duurzame wijze

  • geen sprake is van vervolging
  • of dat er geen zwaarwegende gronden zijn om aan te nemen dat de asielzoeker een reëel risico loopt op het lijden van ernstige schade

Men analyseert daarvoor de rechtstoestand, de toepassing van de rechtsvoorschriften in een democratisch stelsel en de algemene politieke omstandigheden.

Hierbij houdt het CGVS onder meer rekening met de mate waarin je land van afkomst bescherming biedt tegen vervolging of mishandeling door:

  • de wetten en voorschriften van het land en de wijze waarop deze in de praktijk worden toegepast
  • de naleving van de rechten en vrijheden bepaald in het EVRM, het BUPO-verdrag, of het verdrag tegen foltering
  • de naleving van het non-refoulementbeginsel
  • de beschikbaarheid van daadwerkelijke rechtsmiddelen tegen schending van bovenstaande rechten en vrijheden

Elk jaar wordt er bij KB bepaald welke herkomstlanden veilig zijn. Momenteel zijn dat:

  • Albanië
  • Bosnië-Herzegovina
  • Macedonië
  • India
  • Kosovo
  • Montenegro
  • Servië
  • Georgië

De lijst is onder meer gebaseerd op adviezen van het CGVS.

CGVS verklaart je verzoek kennelijk ongegrond

In al de situaties waarin je verzoek versneld kan worden behandeld, kan het CGVS ook een beslissing van kennelijke ongegrondheid nemen. Dit heeft tot gevolg dat het bevel om het grondgebied te verlaten (BGV) dat nadien wordt afgeleverd een kortere termijn zal hebben tussen de nul en zeven dagen.

CGVS beëindigt de behandeling van je verzoek om internationale bescherming

De Verblijfswet voorziet dat het CGVS een beslissing tot beëindiging kan nemen wanneer je:

  • je niet aanmeldt op vastgestelde datum en geen geldige reden geeft binnen bij KB bepaalde termijn
  • geen gevolg geeft aan een verzoek om inlichtingen, binnen de maand na verzending van het verzoek om inlichtingen
  • nalaat de verderzetting te vragen van de procedure bij het bekomen van een onbeperkt verblijf
  • de plaats van vasthouding of verblijf zonder toestemming heeft verlaten zonder binnen de vijftien dagen contact op te nemen met de DVZ
  • zich gedurende minstens vijftien dagen heeft onttrokken aan de meldingsplicht
  • een minderjarige begeleide asielzoeker is die geen verderzetting van de asielprocedure heeft gevraagd bij het overlijden van zijn ouder(s)
  • verklaart afstand te doen van zijn verzoek
  • vrijwillig en definitief terugkeert naar het land van herkomst
  • de Belgische nationaliteit verwerft

Wanneer de verzoeker nadien terug een verzoek doet zal in de eerste vijf gevallen het verzoek automatisch ontvankelijk verklaard worden. Maar het CGVS kan  in deze gevallen ook een beslissing tot weigering ten gronde nemen als er voldoende elementen in het dossier zijn. 

CGVS erkent je als vluchteling

De beslissing van het CGVS, die aangetekend wordt verstuurd naar je gekozen woonplaats, vermeldt enkel dat je erkend werd als vluchteling. Het CGVS motiveert de beslissing niet.

Theoretisch kan de minister van Binnenlandse Zaken binnen een termijn van dertig dagen nog beroep aantekenen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. In de praktijk gebeurt dit zeer uitzonderlijk. Na deze termijn zal het CGVS je per brief vragen om de exacte identiteitsgegevens mee te delen. Eventuele foutieve gegevens kan je dan nog rechtzetten.

Ongeveer 1 maand na je erkenning wordt het erkenningsattest jou toegezonden.

Minderjarige kinderen geboren in België na de toekenning vluchtelingenstatus aan de ouder(s)

  • Hebben beide ouders de vluchtelingenstatutus ontvangen? Dan zal het CGVS de kinderen geboren in België na deze beslissing ook als vluchteling erkennen. Als ouder moet je hiervoor richten tot je gemeente en het CGVS- aanvraagformulier Erkenning als vluchteling van minderjarig kind geboren in België uit erkende ouders als vluchteling' laten invullen. Je handtekening wordt hierbij ook gelegaliseerd. Vervolgens maak je dit formulier, samen met je verblijfsdocument en geboorteakte van je kind, over aan de Helpdesk erkende vluchtelingen van het CGVS.  
  • Heeft slechts één van beide ouders het vluchtelingenstatuut ontvangen? 
    • Is de moeder erkend vluchteling, alleenstaand en is de vader niet vermeldt op de recente geboorteakte? Dan kan je de hierboven vermelde procedure volgen.
    • In andere gevallen zullen de ouders zullen toch nog een asielaanvraag moeten indienen voor hun kindje bij DVZ. Het CGVS zal de aanvraag integraal onderzoeken en zal focussen op de situatie van de niet-erkende ouder om te bepalen of het de vluchtelingenstatus ook aan het kindje kan toekennen.

CGVS erkent je niet als vluchteling, maar kent je de subsidiaire beschermingsstatus toe

Je ontvangt de beslissing van weigering van erkenning van de vluchtelingenstatus en de toekenning van de subsidiaire beschermingsstatus per aangetekend schrijven op de door jou gekozen woonplaats. Het CGVS motiveert in deze beslissing waarom het van oordeel is dat je niet in aanmerking komt voor het vluchtelingenstatuut, maar wel voor subsidiaire bescherming.

Ga je akkoord met deze beslissing? Dan krijg je een bijzonder verblijfsrecht op basis van subsidiaire bescherming.

Wil je in aanmerking komen voor het 'sterkere' statuut van erkende vluchteling? Dan kan je bij de RVV in beroep gaan tegen deze beslissing. Dat is niet zonder risico. Je kan het statuut van subsidiaire bescherming ook verliezen, als de RvV van mening is dat je toch niet in aanmerking komt voor subsidiaire bescherming.

Minderjarige kinderen geboren in België na de toekenning subsidiaire beschermingstatus aan de ouder(s)

Je kinderen die eventueel daarna geboren worden, moeten zich aanmelden bij DVZ en een eigen verzoek om internationale bescherming indienen. Het CGVS zal de aanvraag volledig onderzoeken en zal nagaan of het kindje de subsidiaire beschermingsstatus kan genieten. Deze procedure geldt ook als slechts één van beide ouders het subsidiair beschermingsstatuut ontving.

CGVS weigert zowel de vluchtelingenstatus als de subsidiaire beschermingsstatus

Je ontvangt de beslissing van weigering van erkenning van de vluchtelingenstatus en de subsidiaire beschermingsstatus per aangetekende brief op de door jou gekozen woonplaats. Het CGVS motiveert de negatieve beslissing.

Tegen de beslissing kan je een schorsend beroep ten gronde indienen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen binnen de dertig dagen.

Uitsluiting van de toepassing van de vluchtelingenstatus

Voldoe je aan de voorwaarden voor een vluchtelingenstatus? Dan kan je toch uitgesloten worden van de toepassing van de vluchtelingenstatus (artikel 1D of 1F van de Conventie van Genève) omdat:

  • je al bescherming krijgt van een ander agentschap dan UNHCR, bijvoorbeeld UNRWA (artikel 1D)
  • Wanneer er ernstige redenen zijn om te veronderstellen dat je:
    • een misdrijf tegen de vrede, een oorlogsmisdrijf of een misdrijf tegen de menselijkheid hebt begaan, zoals gedefinieerd in het internationale strafrecht en humanitair recht
    • een ernstig, niet-politiek misdrijf hebt gepleegd buiten België voordat je hier als vluchteling bent toegelaten
    • je je schuldig hebt gemaakt aan handelingen in strijd met de doelstellingen en beginselen van de Verenigde Naties

Uitsluiting van de toepassing van de subsidiaire beschermingstatus

Voldoe je aan de voorwaarden van de subsidiaire beschermingstatus? Dan kan je toch uitgesloten worden van de toepassing wanneer er ernstige redenen zijn om aan te nemen dat:

  • je een misdrijf tegen de vrede, een oorlogsmisdrijf of een misdrijf tegen de menselijkheid hebt gepleegd zoals gedefinieerd in de relevante internationale verdragen
  • je je schuldig hebt gemaakt aan handelingen die in strijd zijn met de doelstellingen en beginselen van de Verenigde Naties
  • je in of buiten België een ernstig misdrijf hebt gepleegd
  • je een gevaar voor de samenleving of de nationale veiligheid vormt

De commissaris-generaal kan je ook uitsluiten van de subsidiaire beschermingstatus:

  • wanneer je één of meerdere misdrijven hebt gepleegd die niet onder de hier boven beschreven uitsluitingsclausules vallen
  • de misdrijven kunnen bestraft worden met een gevangenisstraf als ze in België zouden zijn gepleegd
  • je je land van herkomst alleen hebt verlaten om te ontsnappen aan je straf.

De uitsluitingsgronden zijn ook van toepassing op personen die wetens en willens aanzetten tot of anderszins deelnemen aan deze misdrijven of daden.

De commissaris-generaal houdt rekening met de ernst van de gestelde daden, met de individuele verantwoordelijkheid van de betrokkene en met de aangevoerde verschoningsgronden.

Extra informatie