Databank rechtspraak

print
Je kan zoeken met de query syntax. Bijvoorbeeld: "Art. 9ter Vw." AND "Vernietiging".
  • Hof van Justitie - C-490/20 - 14-12-2021

    (V.М.А. t. Stolichna obshtina, rayon „Pancharevo”) Prejudiciële verwijzing – Burgerschap van de Unie – Artikelen 20 en 21 VWEU – Recht om vrij op het grondgebied van de lidstaten te reizen en te verblijven – Kind dat is geboren in het gastland van zijn ouders – Door deze lidstaat afgegeven geboorteakte waarin voor dat kind twee moeders vermeld staan – Weigering door de lidstaat van herkomst van een van deze twee moeders om voor dat kind een geboorteakte af te geven bij gebreke van informatie over de identiteit van zijn biologische moeder – Bezit van een dergelijke akte dat de voorwaarde vormt voor afgifte van een identiteitskaart of een paspoort – Nationale regeling van deze lidstaat van herkomst waarin het ouderschap van personen van hetzelfde geslacht niet wordt erkend

  • Europees Hof voor de Rechten van de Mens - 57467/15 - 07-12-2021

    (Savran t. Denemarken) Art. 3 EVRM - uitwijzing - mentale gezondheid - schizofrenie - Paposhvili t. België - artikel 8 EVRM - privéleven - openbare orde - geen rekening gehouden met toerekeningsvatbaarheid omwille van mentale gezondheid - schending

  • Hof van Justitie - C-821/19 - 16-11-2021

    (Europese Commissie t. Hongarije) Beroep wegens niet-nakoming – Ruimte van vrijheid, veiligheid en recht – Asielbeleid – Richtlijnen 2013/32/EU en 2013/33/EU – Procedure voor de toekenning van internationale bescherming – Gronden voor niet-ontvankelijkheid – Begrippen ‚veilig derde land’ en ‚eerste land van asiel’ – Hulpverlening aan asielzoekers – Strafbaarstelling – Inreisverbod voor de grenszone van de betrokken lidstaat

  • Hof van Justitie - C-91/20 - 09-11-2021

    (LW t. Bundesrepublik Deutschland) Prejudiciële verwijzing – Gemeenschappelijk beleid inzake asiel en subsidiaire bescherming – Normen voor de erkenning van onderdanen van derde landen of staatlozen als personen die internationale bescherming genieten – Richtlijn 2011/95/EU – Artikelen 3 en 23 – Gunstiger normen die door de lidstaten kunnen worden gehandhaafd of vastgesteld om het recht op asiel of subsidiaire bescherming uit te breiden tot de gezinsleden van de persoon die internationale bescherming geniet – Toekenning aan een minderjarig kind van de vluchtelingenstatus die is afgeleid van die van een van zijn ouders – Instandhouding van het gezin – Belang van het kind

  • Hof van Justitie - C-462/20 - 28-10-2021

    (ASGI e.a. t. Presidenza del Consiglio dei Ministri – Dipartimento per le politiche della famiglia en Ministero dell'Economia e delle Finanze) Prejudiciële verwijzing – Richtlijn 2003/109/EG – Status van langdurig ingezeten onderdanen van derde landen – Artikel 11 – Richtlijn 2011/98/EU – Rechten van werknemers uit derde landen met een gecombineerde vergunning – Artikel 12 – Richtlijn 2009/50/EG – Rechten van onderdanen van derde landen met een Europese blauwe kaart – Artikel 14 – Richtlijn 2011/95/EU – Rechten van personen die internationale bescherming genieten – Artikel 29 – Gelijke behandeling – Sociale zekerheid – Verordening (EG) nr. 883/2004 – Coördinatie van socialezekerheidsstelsels – Artikel 3 – Gezinsbijslagen – Sociale bijstand – Sociale bescherming – Toegang tot goederen en diensten – Regeling van een lidstaat die onderdanen van derde landen uitsluit van het recht op een gezinskaart

  • Europees Hof voor de Rechten van de Mens - 71321/17 (en 9 anderen) - 14-09-2021

    (M.D. en anderen t. Rusland) Schending artikel 2 EVRM (recht op leven) en 3 EVRM (verbod op foltering, onmenselijke en vernederende behandeling) – uitzetting naar Syrië momenteel en althans in de nabije toekomst niet haalbaar wegens de onstabiele veiligheidssituatie – Ontoereikende beoordeling van het risico op basis van internationale rapporten – Schending artikel 5 §1 EVRM (recht op vrijheid en veiligheid) en artikel 5 §4 EVRM (recht op daadwerkelijk rechtsmiddel over rechtmatigheid van detentie) –– 2 jaar detentie met het oog op uitzetting – onredelijke duur – geen toegang tot de rechter – 5.000 euro morele schadevergoeding

  • Europees Hof voor de Rechten van de Mens - 41643/19 - 14-09-2021

    (Abdi t. Denemarken) Schending Artikel 8 - Uitzetting - Privé-leven - Onevenredige uitzetting gecombineerd met levenslang inreisverbod - Ontbreken van relevante eerdere veroordelingen en waarschuwingen voor uitzettingen - Oplegging van relatief milde straf - Zeer sterke banden met Denemarken en vrijwel onbestaande banden met land van herkomst

  • Hof van Justitie - C-18/20 - 09-09-2021

    (XY, in tegenwoordigheid van: Bundesamt für Fremdenwesen und Asyl) Prejudiciële verwijzing – Grenscontroles, asiel en immigratie – Asielbeleid – Gemeenschappelijke procedures voor de toekenning en intrekking van internationale bescherming – Richtlijn 2013/32/EU – Artikel 40 – Volgend verzoek – Nieuwe elementen of bevindingen – Begrip – Omstandigheden die reeds bestonden vóór de definitieve beëindiging van een procedure die betrekking heeft op een vorig verzoek om internationale bescherming – Gezag van gewijsde – Eigen toedoen van de verzoeker

  • Hof van Justitie - C-768/19 - 09-09-2021

    (Bundesrepublik Deutschland t. SE) Prejudiciële verwijzing – Gemeenschappelijk beleid inzake asiel en subsidiaire bescherming – Richtlijn 2011/95/EU – Artikel 2, onder j), derde streepje – Begrip ‚gezinslid’ – Meerderjarige die om internationale bescherming verzoekt op grond van een gezinsband met een minderjarige die reeds subsidiaire bescherming heeft verkregen – Datum die relevant is voor de beoordeling of de betrokkene ‚minderjarig’ is

  • Hof van Justitie - C-930/19 - 02-09-2021

    (X t. Belgische Staat) Prejudiciële verwijzing – Richtlijn 2004/38/EG – Artikel 13, lid 2 – Verblijfsrecht van familieleden van een Unieburger – Huwelijk tussen een Unieburger en een derdelander – Behoud, in geval van scheiding, van het verblijfsrecht van een derdelander die het slachtoffer is van huiselijk geweld door zijn echtgenoot – Verplichting om het bestaan van toereikende bestaansmiddelen aan te tonen – Geen dergelijke verplichting in richtlijn 2003/86/EG – Geldigheid – Handvest van de grondrechten van de Europese Unie – Artikelen 20 en 21 – Gelijke behandeling – Verschil in behandeling naargelang de gezinshereniger Unieburger dan wel derdelander is – Geen vergelijkbare situaties

  • Hof van Justitie - C-262/21 - 02-08-2021

    (A t. B) Prejudiciële verwijzing – Ruimte van vrijheid, veiligheid en recht – Bevoegdheid, erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in huwelijkszaken en inzake ouderlijke verantwoordelijkheid – Verordening (EG) nr. 2201/2003 – Toepassingsgebied – Artikel 2, punt 11 – Begrip “ongeoorloofde overbrenging of niet doen terugkeren van een kind” – Verdrag van ’s-Gravenhage van 25 oktober 1980 – Verzoek tot terugkeer van een jong kind over wie de ouders gezamenlijk het gezag uitoefenen – Derdelanders – Overdracht van het kind en zijn moeder aan de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van een verzoek om internationale bescherming overeenkomstig verordening (EU) nr. 604/2013 (Dublin III)

  • Europees Hof voor de Rechten van de Mens - 57035/18 - 22-07-2021

    (M.D. en A.D. t. Frankrijk) Schending artikel 3 (verbod op foltering, onmenselijke en vernederende behandeling) – 11 dagen administratieve opsluiting om Dublinoverdracht te faciliteren – schending ten aanzien van baby van 4 maanden en van de moeder – Schending artikel 5 §1 en §4 EVRM – recht op vrijheid en veiligheid – recht op daadwerkelijk beroepsmiddel over rechtmatigheid van detentie – onvoldoende controle op mogelijke alternatieven voor detentie – 10.000 euro morele schadevergoeding

  • Europees Hof voor de Rechten van de Mens - 25244/18 - 13-07-2021

    (N.A. t. Finland) Rechtsmisbruik (artikel 35 § 3 (a) van het EHRM) – Herziening van een arrest van het EHRM (artikel 80 van het Procedurereglement) – toen vastgestelde schending van art. 2 EVRM (recht op leven) en 3 (verbod op foltering, onmenselijke en vernederende behandeling) door overlijden na verwijdering van uitgeprocedeerde asielzoeker naar Irak – Fraude en gebruik van valse documenten (overlijdensakte) – Feit doorslaggevend en onbekend door het Hof bij oorspronkelijk arrest – Arrest van 14 november 2019 vernietigd – verzoekschrift onontvankelijk verklaard

  • Europees Hof voor de Rechten van de Mens - 6697/18 - 09-07-2021

    (M.A tegen Denemarken) Schending Artikel 8 EVRM – wachttijd gezinshereniging – geen evenwichtige belangenafweging - Ongerechtvaardigde wettelijke wachttijd van drie jaar voor gezinshereniging van personen met de subsidiaire of tijdelijke beschermingsstatus, zonder dat individuele beoordeling mogelijk is - Ruime beoordelingsmarge voor staten bij beslissing over opleggen van wachttijd - Onoverkomelijke belemmeringen voor gezinsleven belangrijker bij afweging van billijkheid voor wachttijd van meer dan twee jaar

  • Europees Hof voor de Rechten van de Mens - 12625/17 - 08-07-2021

    (Shahzad tegen Hongarije) Art 3 - Uitzetting - Herhaaldelijke weigering van toegang tot de asielprocedure aan de Pools-Wit-Russische grens, waardoor asielzoekers worden blootgesteld aan het risico van kettinguitzetting naar Syrië en onmenselijke en vernederende behandeling en foltering Art 4 P4 - Collectieve uitzetting van vreemdelingen door een ruimer beleid van weigering van inreis, ongeacht de intentie van de verzoeker om internationale bescherming aan te vragen bescherming aan te vragen Art 13 (+ art. 3 en art. 4 P4) - Ontbreken van een daadwerkelijk rechtsmiddel voor het indienen van klachten bij de binnenlandse autoriteiten Art 34 - Belemmering van de uitoefening van het recht om een verzoek in te dienen - Niet-inachtneming van voorlopige maatregel krachtens artikel 39 Art. 4 P4 - Verbod van collectieve verwijdering van vreemdelingen - Terugdringen van migrant op smalle strook van grondgebied van staat aan buitenzijde van grensversperring staat gelijk met verwijdering - Collectief karakter van verwijdering van verzoeker, na onregelmatige maar niet-verstorende binnenkomst, zonder individuele beslissing, ondanks beperkte toegang tot middelen van legale binnenkomst zonder formele procedure en waarborgen - Ontbreken van individuele verwijderingsbeslissing niet het gevolg van verzoekers eigen gedrag ; Art 13 (+ Art 4 P4) - Ontbreken van een daadwerkelijk rechtsmiddel tegen uitzetting

  • Europees Hof voor de Rechten van de Mens - 51246/17 - 08-07-2021

    (D.A en andere tegen Polen) Art 3 - Uitzetting - Herhaaldelijke weigering van toegang tot de asielprocedure aan de Pools-Wit-Russische grens, waardoor asielzoekers worden blootgesteld aan het risico van kettinguitzetting naar Syrië en onmenselijke en vernederende behandeling en foltering Art 4 P4 - Collectieve uitzetting van vreemdelingen door een ruimer beleid van weigering van inreis, ongeacht de intentie van de verzoeker om internationale bescherming aan te vragen bescherming aan te vragen Art 13 (+ art. 3 en art. 4 P4) - Ontbreken van een daadwerkelijk rechtsmiddel voor het indienen van klachten bij de binnenlandse autoriteiten Art 34 - Belemmering van de uitoefening van het recht om een verzoek in te dienen - Niet-inachtneming van voorlopige maatregel krachtens artikel 39 Art. 4 P4 - Verbod van collectieve verwijdering van vreemdelingen - Terugdringen van migrant op smalle strook van grondgebied van staat aan buitenzijde van grensversperring staat gelijk met verwijdering - Collectief karakter van verwijdering van verzoeker, na onregelmatige maar niet-verstorende binnenkomst, zonder individuele beslissing, ondanks beperkte toegang tot middelen van legale binnenkomst zonder formele procedure en waarborgen - Ontbreken van individuele verwijderingsbeslissing niet het gevolg van verzoekers eigen gedrag ; Art 13 (+ Art 4 P4) - Ontbreken van een daadwerkelijk rechtsmiddel tegen uitzetting

  • Hof van Justitie - C-718/19 - 22-06-2021

    (Ordre des barreaux francophones et germanophone, Association pour le droit des Étrangers ASBL, Coordination et Initiatives pour et avec les Réfugiés et Étrangers ASBL, Ligue des Droits de l’Homme ASBL, Vluchtelingenwerk Vlaanderen vzw t. Ministerraad) Prejudiciële verwijzing – Burgerschap van de Unie – Artikelen 20 en 21 VWEU – Richtlijn 2004/38/EG – Recht van Unieburgers en hun familieleden om vrij op het grondgebied van de lidstaten te reizen en te verblijven – Beslissing tot beëindiging van het verblijf van de betrokkene om redenen van openbare orde – Preventieve maatregelen ter voorkoming van het risico dat de betrokkene onderduikt gedurende de termijn waarbinnen hij het grondgebied van de gastlidstaat moet verlaten – Nationale bepalingen die vergelijkbaar zijn met de bepalingen die krachtens artikel 7, lid 3, van richtlijn 2008/115/EG van toepassing zijn op derdelanders – Maximale duur van bewaring met het oog op verwijdering – Nationale bepaling die identiek is aan de bepaling die van toepassing is op derdelanders

  • Hof van Justitie - C-719/19 - 22-06-2021

    (FS t. Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid) Prejudiciële verwijzing – Burgerschap van de Unie – Richtlijn 2004/38/EG – Recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun familieleden – Artikel 15 – Einde van het tijdelijke verblijf van een burger van de Unie op het grondgebied van het gastland – Verwijderingsbesluit – Fysiek vertrek van die burger van de Unie van dat grondgebied – Werking in de tijd van dat verwijderingsbesluit – Artikel 6 – Mogelijkheid voor die burger van de Unie om bij terugkeer naar dat grondgebied opnieuw een verblijfsrecht te genieten

  • Hof van Justitie - C-94/20 - 10-06-2021

    (Land Oberösterreich t. KV) Prejudiciële verwijzing – Richtlijn 2003/109/EG – Status van langdurig ingezeten derdelanders – Artikel 11 – Recht op gelijke behandeling wat de sociale zekerheid, sociale bijstand en sociale bescherming betreft – Afwijking van het beginsel van gelijke behandeling op het gebied van sociale bijstand en sociale bescherming – Begrip ‘belangrijkste prestaties’ – Richtlijn 2000/43/EG – Beginsel van gelijke behandeling van personen ongeacht ras en etnische afstamming – Artikel 2 – Begrip ‘discriminatie’ – Artikel 21 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie – Regeling van een lidstaat waarbij de toekenning van een woonkostentoeslag aan langdurig ingezeten derdelanders afhankelijk wordt gesteld van de voorwaarde dat deze derdelanders op een door deze regeling bepaalde wijze aantonen dat zij over een basiskennis van de taal van die lidstaat beschikken

  • Hof van Justitie - C-901/19 - 10-06-2021

    (CF en DN t. Bundesrepublik Deutschland) Prejudiciële verwijzing – Gemeenschappelijk beleid inzake asiel en subsidiaire bescherming – Richtlijn 2011/95/EU – Voorwaarden voor de verlening van subsidiaire bescherming – Artikel 15, onder c) – Begrip ‚ernstige en individuele bedreiging’ van het leven of de persoon van een burger als gevolg van willekeurig geweld in het kader van een internationaal of binnenlands gewapend conflict – Nationale regeling op grond waarvan er sprake dient te zijn van een minimumaantal burgerslachtoffers (doden en gewonden) in de betrokken regio

Pagina's